De moeder aller

schijndemocratie-verkiezingen

mei 2014       

Hoe dichter we bij 25 mei komen, hoe meer en intenser politici van alle partijen ons op het hart drukken dat onze toekomst afhangt van de keuze die wij maken op de dag van  'moeder aller verkiezingen'. Op vragen zoals, wie welke beleid na vijfentwintig mei gaat voeren, komt steevast het antwoord dat 'eerst de kiezer moet spreken'.

En alsof dat nog niet genoeg volksverlakkend is, gaan sommigen zelfs zo ver om de onachtbare burger wijs te maken dat hij op die dag eveneens zijn regering, ministers, en zelfs het te voeren beleid gaat kiezen. Waarschijnlijk om hem vooraf alvast te verwittigen dat als het achteraf niet naar zijn wens verloopt, dat uiteraard aan 'de kiezer' zelf te wijten is. Op die wijze gaat het reeds decennialang, ja, eigenlijk sinds mensenheugenis.

Zoals ik reeds eerder in een 'bedenking' aangaf, wordt 25 mei niet zozeer 'de moeder aller verkiezingen', maar eerder 'de moeder aller verkiezing-realityshows. Want zoals in een realityshow zijn verkiezingen via de kieswet zodanig geregisseerd dat de stem van de kiezer feitelijk niet door hemzelf, maar door spindokters, en reclame- en communicatiespecialisten wordt bepaald. Zowel de partijverkiezingsprogramma's als alle andere verkiezingmateriaal zijn er hoofdzakelijk op gericht, uitgezonderd een paar grote hoofdlijnen, alles zo aanvaardmaar mogelijk te maken voor een zo ruim mogelijk verschillend denkend publiek.

Tijdens de verkiezingcampagne drukt men de goegemeente op het hart dat het van hun stemgedrag afhangt welke regering en welk beleid men zal krijgen. Men gaat in de volksverlakkerij zelfs zo ver dat men stelt daardoor ook mee te bepalen wie de Eerste minister wordt. Uiteraard heeft dat alles een te verwaarlozen effect op de kleine minderheid die regelmatig het politieke gebeuren volgt, maar via het sluipend gif van reclame is het grootste deel van de bevolking vatbaar voor indoctrinatie. Het verschil tussen waarheid en leugen is daarbij volstrekt onbelangrijk.

Als wij dan op verkiezingsdag onze stem gaan uitbrengen, moeten wij er wel degelijk van bewust zijn dat die enigszins anders 'behandeld' wordt dan de politici ons doen geloven. Of wij nu op de partijkop of op een kandidaat hebben gestemd,  het enige wat daar mee gedaan wordt, is de krachtsverhouding mee-bepalen  tussen de verschillende kiesdrempelhalende partijen. En voor zover wij op kandidaat-volksvertegenwoordiger welke op een  niet-verkiesbare plaats staat gepositioneerd, hebben wij, indien nog voldoende anderen op diezelfde kozen, hem een zitje in de 'stemmachinekamer' gegeven.

 Diegenen die er slim denken aan te doen door om het even welke reden niet, blanco of ongeldig te stemmen, dienen te weten dat niet niet-uitgebrachte stem in feite percentsgewijs (volgens de behaalde stempercentage) verdeeld wordt onder de kiesdrempelhalende partijen. Zij zijn, verwonderlijk genoeg, de enigen die feitelijk gestemd hebben volgens het algemeen kiesgedrag.

Het perverse effect van de kiesdrempel, is dat alle stemmen voor partijen die niet de kiesdrempel van 5% hebben gehaald, eveneens procentsgewijs naar de andere partijen gaan. Op die wijze is het dus best mogelijk dat de stemwaarde van bvb iemand die voor een radikaal linkse partij stemt voor 30% naar een rechtse partij gaat, terwijl de meer bij zijn gedachtegoed aanleunende partijen maar 15 of 10% ervan krijgen.

De volksvertegenwoordigers die wij kiezen zijn schatplichtig aan de partij welke hen op de lijst hebben gezet. Zij vertegenwoordigen in de eerste plaats dan ook het partijbelang. Hun stemgedrag bij wet-stemmingen wordt dan ook door die partijleiding opgelegd, en daar wordt enkel op afgeweken bij stemming over onderwerpen die voor de partij onbelangrijk zijn.

Behalve voor het Vlaamse en federale parlement, bepalen wij op 25 mei ook de verdeling van de 12 Vlaamse europarlementszetels in het 766-koppige Europees parlement.  12 op 766... dat is 1,5%. De Vlaamse bevolking heeft dus een vertegenwoordiging van anderhalf procent in de Europese volksvertegenwoordiging. Zelfs de grootste Vlaamse partij zal na 25 mei amper een vertegenwoordiging hebben van 'na de komma'. Indien men ook in Europa een kiesdrempel van zelfs maar 1% zou invoeren zou niet enkel Vlaanderen, maar zelfs gans de Belgische bevolking, zoals uit nog menig  ander klein Europees landje, uit de boot vallen.

Noch in Vlaanderen, noch in BelgiŽ, laat staan  in Europa, kiezen wij presidenten, eerste ministers, regeringen, of voor welk beleid dan ook. Wie dat worden, welke partijen de regeringscoalitie uitmaken, en welk beleid er al dan niet gaat gevoerd worden, maken de partijleidingen onderling uit, onafhankelijk wat de kiesuitslag is.

Van democratie is in ons systeem, dat feitelijk een particratie is, weinig sprake. Het heeft er hoogstens de schijn van...een schijndemocratie.

Deze 'moeder aller verkiezing-realityshows' kan men dus evengoed 'de schoonmoeder aller verkiezingen' noemen...

 

 

  

©RVP-2014